Eerste deel nieuw klimaatrapport IPCC: veel gestelde vragen en antwoorden

Kantelpunt

klimaatrapport BMD AdviesUit het klimaatrapport blijkt dat klimaatverandering leidt tot enkele kantelpunten in de natuurlijke systemen van de aarde. Het is een harde waarschuwing. In het ongunstigste geval is het in 2100 op aarde gemiddeld 5,7 graden warmer. Op dit moment is de aarde 1,1 graden Celsius opgewarmd sinds 1850-1900. Boven land gaat het sneller: nu 1,6 graad warmer (oceanen 0,9 graad). De zekerheid over het opwarmende effect van CO2 is sterk toegenomen. De wereld, Europa, Nederland, bestuurders in de provincies, bedrijven en particulieren, wij staan gezamenlijk voor een kantelpunt. De hoogte van de toekomstige opwarming hangt af van de politieke en economische ontwikkelingen. In dit artikel geven we antwoorden op veel gestelde vragen over het zesde rapport.

Eerste deel van het zesde Assessment Rapport

Voor het eerst sinds 2013 publiceert het Intergouvernementeel Panel voor klimaatverandering (IPCC), het klimaatpanel van de Verenigde Naties, het eerste deel van het zesde Assessment Rapport (AR6). Om de 6 à 7 jaar worden uitgebreide wetenschappelijke evaluatierapporten gepubliceerd. Met daarin de stand van zaken betreffende onze kennis over klimaatverandering.

Wat is het verschil met eerdere klimaatrapporten?

Waar eerdere rapporten zich richtten op mondiale tot continentale schaal, presenteert dit rapport meer gedetailleerde projecties voor veel kleinere regio’s. De gevolgen van klimaatverandering manifesteert zich tenslotte niet overal hetzelfde. Sommige gebieden worden warmer en droger, andere juist natter. Het rapport gaat ook dieper in op kortstondige klimaatveroorzakers zoals roet van kolenrook.

Waaruit bestaat het rapport?

Het klimaatrapport IPCC bestaat uit 3 delen. 3 werkgroepen ontwikkelen elk een deel van het rapport. Werkgroep I is verantwoordelijk voor de rapportage over de natuurwetenschappelijke achtergrond van klimaatverandering. Het eerste deel is nu gepubliceerd.
Werkgroep II beschrijft de mondiale en regionale gevolgen van en aanpassing aan klimaatverandering. Werkgroep III rapporteert hoe we klimaatverandering kunnen beperken en de wereldwijde kennis over hoe we de uitstoot van broeikasgassen kunnen verminderen. De publicatie van deze delen wordt uiterlijk 2022 verwacht.

Hoe wordt het rapport ontwikkeld?

Wetenschappers hebben duizenden internationale klimaatonderzoeken geanalyseerd die in de afgelopen acht jaar zijn verschenen. Op basis daarvan zijn vijf scenario’s gemaakt. Afhankelijk van wanneer begonnen wordt met het terugdringen van broeikasgassen en in welke mate dat dan gebeurt. Elk scenario laat een andere toekomst zien. In het rapport komt het historische, hedendaagse en toekomstige klimaat aan bod. Ook de impact en toekomstige risico’s worden besproken, naast manieren voor adaptatie en mitigatie.

Link naar een informatief filmpje: What is IPCC’s Sixth Assessment Report?

Wat staat in het rapport over Nederland?

overstroming Zuid-Limburg BMD AdviesKlimaatverandering

Nederland en Europa warmen relatief sterk op. Zuid-Europa droogt uit, Noord-Europa wordt juist natter. Bij ons worden de winters natter en de zomerneerslag grilliger. De zware regenval in Zuid-Limburg met de verwoestende overstromingen zijn daarvan een recent voorbeeld. De economische en sociale gevolgen van extreem weer zijn volgens het IPCC relatief groter dan die van andere manifestaties van klimaatverandering. Het rapport staat stil bij mogelijkheden om extreem weer te voorspellen en zoekt natuurlijke mechanismen die tot extreme weersomstandigheden kunnen leiden.

Zeespiegelstijging

Daarbij krijgen landen als Nederland vooral met zeespiegelstijging te maken. Met als gevolg een verhoogde kans op overstromingen door dijkdoorbraken. De toekomst van Nederland hangt af van de ijskap op Antarctica. Als de opwarming sterk doorzet en Antarctica versneld ijs verliest, stijgt de zeespiegel deze eeuw in elk geval met enkele decimeters. Rond 2150 kan het zelfs oplopen tot 1 tot 5 meter.

Naast de kans op overstromingen door de dijkendoorbraken liggen er voor Nederland nog meer gevaren op de loer.
Verzilting is een van de hardnekkigste problemen van de zeespiegelstijging. Omdat er eigenlijk niets aan te doen valt: hoe hoger de zee komt, hoe zouter het grondwater in de kustprovincies wordt. De landbouw heeft zoet water nodig voor het verbouwen van gewassen. Verzilting betekent een strop voor de landbouw in de kustprovincies.
Nederland is een rivierdelta. De Rijn en de Maas hebben hier hun benedenstroom. Als de zeespiegel hoger komt te staan, stuwt het rivierwater flink omhoog. De zee komt straks via de rivieren het land in. Dat betekent meer kans op overstromingen landinwaarts.

Topje van de ijsberg

Overstromingen, verzilting en de veranderingen in de rivierdelta’s zijn nog maar een topje van de ijsberg. Het trotseren van de gevolgen voor de natuur en de economie zijn uitdagingen waar we voor staan. Nederland staat vanaf nu belangrijke aanpassingen en keuzes te wachten.
Het klimaatrapport vormt de basis voor de (inter)nationale klimaatonderhandelingen. Het is te hopen dat dit rapport het draagvlak voor de te nemen maatregelen versterkt.

Hoe nu verder?

Deel 1 informeert beleidsmakers en regeringen over wat wetenschappers weten over klimaatverandering. Op deze manier vormt het zesde klimaatrapport van het IPCC de belangrijkste natuurwetenschappelijke inbreng voor internationale klimaatonderhandelingen.
Het klimaatrapport is bedoeld voor overheden en ambtenaren, die hierop het klimaatbeleid baseren, maar worden ook gebruikt door wetenschappers en (milieu)organisaties. De komende twee rapporten van het IPCC brengen in kaart wat de gevolgen en kosten zijn van keuzes die regeringen maken.

Welke wijzigingen komen er aan?

Welke wijzigingen, rond de wet- en regelgeving, de overheid doorvoert. BMD Advies houdt, zoals u van ons gewend bent, de actualiteit in de gaten. Ga naar de website voor alle actuele informatie en de nieuwe wet- en regelgeving.

Wilt u graag weten wat u als ondernemer kan doen om klimaatverandering tegen te gaan. Of heeft u nog vragen? Neem dan gerust contact op met een van onze specialisten Energie & Besparing. Mail naar info@bmdzuid.nl of bel naar 013 8000300.